Standpunten

Voor lobby, invloed en zeggenschap

Standpunten

Wij krijgen via veel verschillende kanalen het geluid door van wat jongeren bezighoudt en waar zij tijdens studie en werk tegenaan lopen. In onze werkgroepen worden alle signalen samengebracht en besproken. Wat zijn de achterliggende argumenten van jongeren en welke gevolgen zijn er door een bepaalde regelwijziging? Wat vindt de politiek hiervan en hoe gaan instellingen hiermee om? Na het bespreken van alle invalshoeken neemt een werkgroep een standpunt in. De standpunten zijn onze leidraad om te lobbyen en actie te voeren. Hieronder staat een totaaloverzicht van onze standpunten.

Standpunten Onderwijs

Goed onderwijs zorgt voor een goede positie op de arbeidsmarkt. Althans, dat is wat ons betreft zoals het zou moeten zijn. Het is belangrijk dat het onderwijs toegankelijk is voor iedereen die wil studeren. Onderwijs is meer dan alleen persoonlijke ontwikkeling. Het zorgt ook voor toegang tot de arbeidsmarkt. Keuzevrijheid voor opleidingen is belangrijk, maar er moet worden voorkomen dat populaire studies met weinig baankansen jongeren scholen voor werkloosheid.

  • Het volgen van onderwijs is niet alleen goed voor de persoonlijke ontwikkeling. Het zorgt ook voor aanzienlijk meer kansen op de arbeidsmarkt. Het is goed dat jongeren de vrijheid hebben om te kiezen voor een opleiding. Tegelijkertijd is het belangrijk dat jongeren arbeidsmarktrelevant worden opgeleid.
  • Jongeren die kiezen voor een opleiding met veel perspectief op werk (kansrijke sectoren met een tekort aan werknemers) moeten door de overheid worden gestimuleerd door middel van een collegegeldkorting.
  • Per opleiding moet worden gekeken naar het aantal beschikbare stageplekken in de branche of sector. Een student mag niet de dupe worden van een tekort aan stageplekken. Opleidingen waar te weinig stageplekken zijn (indien verplicht voor de studie) moeten tijdelijk worden gestopt.
  • De student is zelf verantwoordelijk voor het vinden van een stageplek, maar moet wanneer dit niet lukt alle mogelijke ondersteuning vanuit de onderwijsinstelling krijgen om alsnog een stageplek te kunnen bemachtigen.
  • Het behalen van een diploma is belangrijk. Een diploma moet een eerlijke kans geven op het vinden van werk op niveau. Bij werkloosheid langer dan zes maanden na afstuderen hebben jongeren het recht om kosteloos een nieuwe studie te volgen.
  • De aansluiting tussen studie en werk moet optimaal zijn. Investeren in actuele informatie over de baankansen van een opleiding na afstuderen (studiebijsluiter), loopbaanoriëntatie met focus op werknemersvaardigheden en een actief alumni-beleid zijn in het onderwijs onmisbaar om te zorgen voor een optimale aansluiting met de arbeidsmarkt.
  • Het sociaal leenstelsel is niet sociaal in de huidige vorm. Het leenstelsel maakt het hoger onderwijs minder toegankelijk, zorgt voor torenhoge schulden en biedt weinig ruimte voor extra curriculaire activiteiten naast de studie (druk op snel afstuderen is hoog). CNV Jongeren wil dat de basisbeurs weer wordt ingevoerd.
  • CNV Jongeren vindt het positief dat het collegegeld voor het eerste studiejaar met ingang van het schooljaar 2018-2019 wordt gehalveerd. Jammer genoeg is dit een sigaar uit eigen doos.
  • In het onderwijs moet meer aandacht worden besteed aan het verhogen van het financieel bewustzijn van jongeren. Een aparte module “geld en schulden” moet verplicht onderdeel zijn van het onderwijscurriculum op alle onderwijsniveaus (van vmbo tot en met universiteit).
  • Stage lopen tijdens de studie biedt een mooie kans om te leren op de werkvloer. Onmisbaar zijn goede begeleiding, ondersteuning en een minimum van 400 euro aan stagevergoeding. De collectieve arbeidsovereenkomst is bij uitstek het instrument om dit goed te regelen.
  • Een leven lang ontwikkelen is nodig voor een goede loopbaan. Alle jongeren zouden het recht moeten krijgen op een gratis bonuskaart na afstuderen om zich te kunnen blijven bijscholen op de onderwijsinstelling naar keuze. Het behalen van een diploma is geen eindpunt, maar een startpunt van de persoonlijke ontwikkeling.
  • Het volgen van een tweede masteropleiding is vanwege hoog instellingsgeld voor veel jongeren vaak niet te betalen. Het instellingsgeld moet worden losgelaten en de prijs van een tweede masteropleiding moet gelijk worden getrokken met het wettelijk collegegeld.

Standpunten Arbeidsmarkt

Werk is belangrijk voor mensen. Niet alleen vanuit financieel perspectief, maar werk geeft ook zinvolle invulling en structuur aan het leven. Mensen krijgen de kans zich te ontwikkelen en om samen met anderen bij te dragen aan de ontwikkeling van onze samenleving. Het is daarom belangrijk dat werk en zekerheid hand in hand gaan: zonder bestaanszekerheid is er weinig perspectief voor mensen. De kern van goed arbeidsmarktbeleid is dat mensen de ruimte krijgen hun talenten, kennis en kunde op een goede manier in te zetten.

  • De jeugdwerkloosheid moet zowel tijdens als na een economische crisis niet hoger zijn dan het algemene werkloosheidcijfer. Zolang dit niet het geval is, moet zowel vanuit de overheid als werkgevers- en werknemersorganisaties concrete afspraken worden gemaakt om dit doel te bereiken.
  • Op de Nederlandse arbeidsmarkt bestaat een groot onderscheid tussen mensen met een vast contract en mensen zonder een baan of een flexibel contract. Door de kloof tussen vast en flex te verkleinen, kunnen jongeren makkelijker toetreden tot de arbeidsmarkt.
  • Flexibiliteit moet twee kanten op werken. Te vaak heeft nu de werkgever de lusten en de werkende de nadelen/risico’s. Onzekerheid voor het individu en maatschappij moet worden beprijsd: voor iedere flexwerker draagt de werkgever een extra bijdrage af in de vorm van een ‘flextoeslag’ die wordt opgeteld bij het uurloon.
  • Diversiteit op de werkvloer is goed voor iedereen. Inclusiviteit draagt bij aan de productiviteit, de creativiteit en het werkgeluk van de organisatie. Overheden moeten het goede voorbeeld geven en een afspiegeling zijn van de samenleving.
  • Het gaat niet alleen om maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar ook om maatschappelijk verantwoord aannemen. Werving- en selectieprocedures moeten transparant zijn. Kandidaten die de werving- en selectiefase niet succesvol zijn doorgekomen, krijgen persoonlijke en constructieve feedback op hun sollicitatie.
  • CNV Jongeren vindt het belangrijk dat jongeren zichzelf (blijven) ontwikkelen. Het is daarom nodig om in de cao afspraken te maken zodat alle jonge werknemers, ongeacht de type arbeidsrelatie, een persoonlijk ontwikkelingsbudget krijgen waarin de werkgever jaarlijks een storting doet.
  • Het soort werk verandert en het belang van omscholen en bijscholen neemt toe. Onderwijs is en blijft een persoonlijke route van ontwikkeling. Om het leven lang leren voor individuen en de samenleving een succes te maken, moet worden geïnvesteerd in een goede aansluiting arbeidsmarkt-onderwijs.
  • Sectoren met krapte moeten inzetten op omscholing van jongeren die weinig uitzicht hebben op werk, bijvoorbeeld door een ‘verkeerde studiekeuze’ of langdurige werkloosheid. De overheid moet dit stimuleren door het beschikbaar stellen van opleidingsbudgetten voor werkzoekende jongeren.
  • Het instrument Arbeidsmarkt Positie Keuring (APK) is een onmisbaar instrument op de arbeidsmarkt. Jongeren met of zonder werk hebben recht op een jaarlijkse, vrijwillige en kosteloze APK-scan.
  • CNV Jongeren maakt zich zorgen over de snel veranderende sociaaleconomische positie van jongeren. Een samenhangende toekomstvisie is nodig op het gebied van onderwijs-, arbeidsmarkt-, pensioenen-, woningmarkt- en welzijnsvraagstukken. Veranderingen in overheidsbeleid mogen niet leiden tot grote sociaaleconomische verschillen tussen generaties.
  • Een burn-out voorkomen is beter dan een burn-out genezen. Het is belangrijk dat iedereen kan leren en werken in een veilige omgeving. Er moet meer geïnvesteerd worden in de weerbaarheid van jongeren in het onderwijs en op de werkvloer.
  • Arbeidsvoorwaarden moeten leeftijdonafhankelijk zijn; daarom moeten de jeugdschalen vanaf 18 jaar worden afgeschaft.
  • Er moet meer aandacht worden besteed aan vernieuwing en verjonging van medezeggenschap. Jongeren weten zelf vaak het beste wat zij nodig hebben en hebben soms andere wensen en belangen dan oudere werknemers. Ook brengen zij een frisse blik mee. Binnen bedrijven is speciale aandacht nodig voor inspraak van werkenden met een flexibele arbeidsrelatie.

Standpunten Pensioenen

Pensioen is een belangrijke arbeidsvoorwaarde waar veel jongeren niet genoeg van weten. Dat is begrijpelijk. Jongeren staan aan het begin van hun loopbaan vaak voor andere uitdagingen, zoals het vinden van een baan, een woning en het stichten van een gezin. Nadenken over een goed pensioen staat eerder onderaan dan bovenaan het prioriteitenlijstje. Toch is het van groot belang dat jongeren zich verdiepen in pensioenthema’s. Pensioen gaat immers ook om de belangen van jongeren. CNV Jongeren steunt het pensioenakkoord 2019. Het is een evenwichtig akkoord voor jongeren en ouderen.

  • Het pensioenstelsel moet toekomstbestendig en duurzaam worden ingericht met het oog op de veranderingen van de 21e eeuw. Een modern pensioenstelsel is robuust en betrouwbaar en heeft een ‘Triple E-status’: eerlijk, eenvoudig en evenwichtig. Dit betekent concreet dat alle werkenden verplicht pensioen opbouwen, mensen meer inzicht krijgen in het opgebouwde pensioen en dat jongeren pensioenopbouw krijgen die past bij de ingelegde premie.
  • De sterke elementen van het pensioenstelsel zijn: verplichtstelling, collectiviteit en solidariteit. Deze drie bouwstenen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en dat moet nu en in de toekomst worden behouden.
  • Iedereen die werkt, ongeacht de type arbeidsrelatie, is verplicht pensioen op te bouwen, zodat alle werkenden na pensionering voldoende inkomen hebben om te voorzien in het levensonderhoud. Dit is niet alleen goed voor het individu, maar ook voor de samenleving als geheel.
  • CNV Jongeren wil dat de doorsneesystematiek, zonder generaties tegen elkaar uit te spelen, wordt aangepast naar een doorsneepremie met degressieve opbouw.
  • In de pensioendiscussie is de mate van keuzevrijheid een actueel onderwerp. Het hebben van keuzevrijheid is iets anders dan daadwerkelijk willen kiezen. Om te voorkomen dat verkeerde pensioenkeuzes mensen duur te komen staan, moet keuzevrijheid samengaan met goede standaardopties en begrijpelijke keuze-architectuur.
  • Het opgebouwde pensioenvermogen is uitgesteld loon voor de oude dag. Het mag niet als een ‘extra potje’ worden gebruikt om bepaalde financieringsvraagstukken op te lossen, bijvoorbeeld het afbetalen van de studieschuld of voor het aflossen van de hypotheek van de koopwoning.
  • Diversiteit in pensioenfondsbesturen krijgt steeds meer aandacht in de sector en het politieke debat en dat is positief. Pensioenfondsen moeten meer investeren in jongeren die belangstelling hebben in een bestuurlijke functie bij een fonds, bijvoorbeeld door het aanbieden van meer stageplekken en aspirant-bestuursfuncties, meer investeren in opleidingsmogelijkheden en begeleiding, en in de sector meer kennis, ervaring en ‘goede voorbeelden’ met elkaar te delen.
  • Bij een gezonde oude dag hoort ook een gezonde wereld. Daarom past bij de lange termijndoelstellingen van pensioenfondsen duurzaam beleggingsbeleid. Pensioenfondsen moeten zich daarom bewuster worden van de actieve en passieve rol die ze in duurzaamheid kunnen spelen.
  • CNV Jongeren vindt dat kennis over pensioenen bij alle generaties moet worden vergroot. Er moet veel meer ingezet worden op een goede voorlichting over het pensioen en dit begint al vroeg in het onderwijs.

Standpunten Participatie

Ieder mens is uniek en moet de kans krijgen om zijn/haar talenten optimaal te benutten en mee te kunnen doen in de samenleving. Voor sommige jongeren is de weg naar het opbouwen van een zelfstandig bestaan minder eenvoudig. Het is daarom nodig dat alle jongeren in het onderwijs en op de arbeidsmarkt eerlijke kansen krijgen. Talent mag niet onbenut blijven. De aandacht moet veel meer gericht zijn op wat iemand kan in plaats van niet zou kunnen. CNV Jongeren zet zich in voor een eerlijke arbeidsmarkt met voldoende duurzame plekken zijn voor jongeren, ongeacht hun beperking of achtergrond.

  • Goede ondersteuning van jongeren met een arbeidsbeperking op de werkvloer is onmisbaar. CNV Jongeren beveelt van harte aan om in iedere organisatie te beschikken over een HARRIE op de werkvloer. Deze kan persoonlijk en maatwerkgericht ondersteuning bieden.
  • Jongeren met een arbeidsbeperking weten zelf vaak het beste wat zij nodig hebben. Ook brengen zij een frisse blik en ervaringsdeskundigheid mee. Het is daarom van belang dat juist met deze jongeren wordt gesproken, in plaats over hen.
  • Jongeren met een arbeidsbeperking mogen niet tussen wal en schip belanden. CNV Jongeren wil daarom dat Rijk, gemeenten en werkgevers gezamenlijk actiever inzetten op een inclusieve arbeidsmarkt.
  • Zolang de doelstelling van de banenafspraak niet wordt behaald, mag ook niet worden gekort op de Wajong-uitkering. De Quotumwet kan bijdragen aan het realiseren van toegezegde banen in de Wet banenafspraak.
  • Wanneer jongeren met een arbeidsbeperking gaan studeren, is dat goed voor henzelf en voor de maatschappij. Bovendien vergroot het hebben van een diploma je kansen op de arbeidsmarkt aanzienlijk, met name voor jongeren met een beperking. Daarom verdienen zij een steun in de rug en moet de Individuele Studietoeslag op minimaal 282 euro per maand worden gesteld.

Anderen vinden dit ook leuk