Standpunten

Voor lobby, invloed en zeggenschap

Standpunten

Wij krijgen via veel verschillende kanalen het geluid door van wat jongeren bezig houdt en waar zij tijdens studie en werk tegenaan lopen. In onze werkgroepen worden alle signalen samengebracht en besproken. Wat zijn de achterliggende argumenten van jongeren en welke gevolgen zijn er door een bepaalde regelwijziging? Wat vindt de politiek hiervan en hoe gaan instellingen hiermee om? Na het bespreken van alle invalshoeken neemt een werkgroep een standpunt in. De standpunten zijn onze leidraad om te lobbyen en actie te voeren. Hieronder staat een totaaloverzicht van onze standpunten.

Standpunten Onderwijs

  • Aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt: Het hebben van een diploma is van groot belang. De overstap van studie naar werk moet goed op elkaar aansluiten. Een diploma moet een garantie zijn voor het vinden van werk op niveau.
  • Sociaal leenstelsel: Studeren moet voor iedereen toegankelijk zijn en de kans bieden om je optimaal voor te bereiden op de arbeidsmarkt. Het “sociaal leenstelsel” in de huidige vorm werkt beiden punten tegen en dwingt studenten om een hypotheek te nemen op hun toekomst.
  • Stage tijdens de studie: Stage tijdens de studie biedt een mooie kans om te leren in de praktijk. Kwalitatief goede begeleiding en een vergoeding voor de gemaakte uren zijn belangrijk. Hierover dienen in alle cao’s duidelijke afspraken te worden gemaakt en moeten ook worden nageleefd.
  • Leven lang ontwikkelen: Een leven lang ontwikkelen is de basis voor een duurzame loopbaan. Alle jongeren moeten redelijke ondersteuning, begeleiding en faciliteiten hebben om door te kunnen ontwikkelen. Het behalen van een diploma is geen eindpunt, maar een startpunt van de persoonlijke ontwikkeling.

Standpunten Participatie

  • Werken met een handicap: Het hebben van werk is belangrijk en betekent meer dan alleen geld verdienen. Iedereen die wil en kan werken, moet naar vermogen kunnen bijdragen. Talent mag niet onbenut blijven.
  • Wajong-uitkering: Er moeten voldoende banen zijn voor jongeren met een arbeidshandicap. De overheid en het bedrijfsleven zijn hiervoor verantwoordelijk. Zolang de doelstellingen van de banenafspraak niet wordt behaald, mag ook niet worden gekort op de Wajong-uitkering.
  • Studietoeslag jonggehandicapten moet centraal worden vaststaan met een hoogte van ten minste 180 euro.
  • Geen jongeren tussen wal en schip. Jongeren met een arbeidsbeperking die na 2015 ingestroomd zijn in de Participatiewet zijn onzichtbaar. Niemand weet precies waar deze jongeren zijn en hoe het hen op de arbeidsmarkt vergaat. CNV Jongeren wil voorkomen dat deze jongeren uiteindelijk niet geholpen worden naar werk, studie of dagbesteding.
  • Werk moet lonen. Jonggehandicapten die aan het werk zijn hebben recht op werk dat past bij hun mogelijkheden. Het is belangrijk dat er maatwerk geboden wordt, zodat ook jongeren met een handicap zich kunnen ontwikkelen. Dit houdt ook in dat jongeren zo normaal mogelijk aan het werk komen en daarbij een eerlijk loon verdienen.

Standpunten Arbeidsmarkt

 

Standpunten Pensioenen

Anderen vinden dit ook leuk